• " Ja, zalig zijn degenen die het Woord Gods horen en hetzelve bewaren " Lukas 11 vers 28

Meditatie

‘De Joden antwoordden hem: Wij hebben een wet, en naar onze wet moet Hij sterven, want Hij heeft Zichzelven Gods Zoon gemaakt’.
Joh. 19: 7)

Christus gestorven onder de wet
Het was eindelijk gelukt! Ze hadden Jezus gevangen kunnen nemen, zonder dat het volk in opstand kwam. Nu lag Hij in hun handen en konden ze doen met hem wat zij wilden! Maar het Sanhedrin bestond niet uit mensen, die maar wat aanrommelden. Nee, zij leefden stipt volgens de wetten van Mozes. Er moest overeenkomstig de wet gehandeld worden. Dat was hun leven. Zij leefden op de wet en zij leefden van de wet. De wet was hun leven en hun vreugde. Zij zullen dan ook echt niet zomaar het rechthuis van Pilatus ingaan, want anders konden zij vanwege de verontreiniging die zij daar opliepen, niet het Pascha eten. Het waren mensen die het zeer nauw namen. Niet alles kon er mee door. Hun hele leven hebben ze op de wet zitten studeren. Ze konden de tekst zo noemen uit Leviticus. ‘En wie de Naam des HEEREN gelasterd zal hebben, zal zekerlijk gedood worden; de ganse vergadering zal hem zekerlijk stenigen; alzo zal de vreemdeling zijn, gelijk de inboorling, als hij de NAAM zal gelasterd hebben, hij zal gedood worden’ (Lev. 24: 16). En dat had Jezus gedaan. Hij had de Naam van God gelasterd, door Zichzelf Gods Zoon te maken. Nee, de zaken lagen duidelijk.

Deze Man moet sterven. ‘Wij hebben een wet …’ Zij gaan echter uiterst selectief met die wet om. Iemand die de Naam des HEEREN had gelasterd, moest worden gestenigd. Maar dat durfden ze niet aan. Waren ze bang voor de Romeinse overheid? Mochten zij vanwege de Romeinen de doodstraf niet toepassen? Dat zou kunnen, maar daar trokken ze zich in het geval van Stéfanus ook niets van aan (Hand 7: 58). Er was iets anders aan de hand. Zij hielden van hun wetten, zolang hen dat zelf goed uitkwam. Zij veroordeelden anderen op grond van hun wet en bleven zelf buiten schot. Zo konden zij op de been blijven en hadden zij Jezus niet nodig. Ten diepste is daarmee ons leven getekend. Wij redeneren steeds weer op onszelf aan en kunnen zo onszelf handhaven. En nu kwam het erop aan. Het was erop of eronder. Stel je eens voor dat Jezus toch de Messias is? En zij zouden Hem stenigen? Ze durven het niet aan. Er viel verder niets op hun leven aan te merken. Ze leefden keurig volgens de wet. En moet je al die andere mensen eens kijken! Die zijn toch wel goddeloos. Weet u hoe dit heet? Zelfhandhaving! Met de wet in de hand. Aangrijpend! Ook na ontvangen genade ligt dit gevaar op de loer. Om zo weer onder het juk van de dienstbaarheid te komen. Wat is het ontdekkend licht van de Heilige Geest steeds weer nodig.

‘Wij hebben een wet en naar onze wet moet Hij sterven’. Jezus moet sterven! Het is echter een Goddelijk moeten. ‘Hij is geworden onder de wet’ (Gal. 4: 4). Hij heeft Zich gesteld onder de gehoorzaamheid van de wet. En God eist een volkomen gehoorzaamheid. Of wilt u nog proberen om in eigen kracht aan die hoge eis te voldoen? Of zoveel mogelijk door eigen kracht en wat u niet kunt door de Heere laten doen? Het betekent uw eeuwige ondergang! God is een rechtvaardige Rechter, Die de minste zonde niet door de vingers ziet. U vraagt zich misschien af of het werkelijk zo ernstig is. Kom dan eens mee naar Gethsemané. En zie Hem daar kruipen als een worm. Hij ervaart de toorn van God over de zonden. Niet de gevolgen van de zonden, maar de zonden zelf. Kom, laten we verder lopen en naar Golgotha gaan. Ziet u Hem daar hangen aan het vervloekte kruishout? Daar ziet u Zijn gehoorzaamheid! Gewillig om te lijden! In die weg heeft Hij de straf weggenomen en het leven verworven. Dat deed Hij voor zondaren, voor mensen die Zijn Goddelijke wet overtreden en de eeuwige dood hebben verdiend. Zo heeft Hij Zich onderworpen aan de wet en deze in alles gehouden, in gedachten, woorden en werken. Zo heeft Hij betaald voor de schuld die mensen hebben gemaakt. Maar … naar onze wet moet Hij sterven! De wet eist de dood, omdat hij overtreden is! En zo wordt Gods lieve Zoon geslagen. Doodgeslagen! Door de wet.

In het slaan van Christus door de wet ligt het leven. De wet heeft Christus geslagen, doodgeslagen en daarom heeft de wet ook niets meer te zeggen over Christus. Christus heeft de wet volkomen vervuld. Door het geloof in Christus worden wij Hem gelijk. ‘Ik ben met Hem gekruist’, schrijft Paulus (Gal 2: 20). Of op een andere plaats: ‘Met Hem begraven, door de doop in de dood (Rom. 6: 4).’ Zo heeft in Christus de wet ook mij geslagen. En daarom heeft de wet ook geen vat meer op mij. Zo mag de gelovige weten: ‘Maar nu zijn wij vrijgemaakt van de wet, overmits wij dien gestorven zijn, onder welken wij gehouden waren’ (Rom. 7: 6).’Wij hebben een wet, en naar onze wet moet Hij sterven’. Maar naar Zijn wet, mogen wij leven. ‘En dit is Zijn gebod, dat wij geloven in den Naam van Zijn Zoon Jezus Christus, en elkander liefhebben, gelijk Hij ons een gebod gegeven heeft’ (1 Joh 3: 23).

Ds. R. van de Kamp, Opheusden

  • © hersteld hervormde kerk 2026

Heeft u vragen over het geloof?

Open Sluit