- " Ja, zalig zijn degenen die het Woord Gods horen en hetzelve bewaren " Lukas 11 vers 28
‘Geliefden, vóór alle dingen wens ik, dat gij welvaart en gezond zijt, gelijk uw ziel welvaart.’
3 Johannes : 2
Een nieuwjaarswens, die overal in voorziet
Het is mooi als kinderen een Bijbelse naam krijgen, maar er zullen niet veel ouders zijn die hun kind Gajus noemen. Die naam heeft bij ons een negatieve klank en wordt vaak gebruik om het uitschot van de maatschappij mee aan te duiden. Maar Johannes is blij met Gajus en heeft hem in waarheid lief. Gajus betoont liefde tot de naaste door zijn gastvrijheid. En ook voor hem geldt dat hij, vaak onwetende, engelen geherbergd heeft (Hebr. 13: 2). Er is niet veel bekend over deze Gajus, maar Johannes wenst hem, vóór alle dingen, welvaart en gezondheid toe. Welvaart is een werkwoord en betekent dus dat hij hem een goede vaart toewenst. Een beeld ontleent aan de scheepvaart. Zo kan ons leven worden vergeleken met een boottocht. Wij varen op de grote levenszee, waar het behoorlijk kan stormen. Het grote doel is, dat ons bootje behouden in de haven aankomt. Dan hebben wij een goede vaart. En daarbij is gezondheid een belangrijk ding. Als wij met ziekte of een gebrekkige gezondheid te maken krijgen, kan dat de levensreis ernstig bemoeilijken.
Johannes wenst Gajus toe dat hij welvaart, dat het goed met hem gaat, en gezond is. Op het eerste gezicht lijkt het een oppervlakkige wens, een wens die alleen het tijdelijke leven betreft. Wat hebben wij de afgelopen dagen mensen allemaal toegewenst? Gelukkig nieuwjaar? Een goede jaarwisseling? Fijne dagen? Vanzelfsprekend gunnen wij anderen graag dat ze het goed hebben en voorspoed mogen hebben. Maar is er niet meer? Het gaat toch in de eerste plaats om de eeuwige dingen? Wat zal het zijn om de hele wereld te winnen als wij schade lijden aan onze ziel (Matt. 16: 26)? Dat weet Johannes toch ook wel?
Waarom dan toch deze wens voor Gajus? Het is niet onbekend bij Johannes dat de ziel van Gajus is gered. Prachtig dat Gajus daar duidelijk over is en ook duidelijk over zijn kan. Hij heeft blijkbaar met vrijmoedigheid mogen getuigen van de hoop die in hem is. Zijn ziel vaart wel! Hem is een beter lot bereid. Hij weet niet alleen van zonde, maar ook van genade. Hij is ontdekt aan zijn zondeschuld, maar mag ook weten gewassen te zijn in het bloed van Christus. Dat is geen oppervlakkige, verstandelijke kennis, maar diep doorleefde kennis. Christus is hem geopenbaard en daardoor mocht hij zijn zondepak kwijt raken bij het kruis van Christus. Hij werd van dood levend gemaakt en dat was een groot wonder voor hem. Dat kwam tot uitdrukking in zijn leven. De broeders getuigden van zijn oprechtheid en ook zijn leven getuigde daarvan (vs. 3). En Johannes wenste Gajus toe, dat het naar het tijdelijke ook zo ging, zoals het er ook met de eeuwige dingen voor stond.
Wij mochten een nieuw jaar ingaan en waarschijnlijk hebt u vele goede wensen ontvangen. Maar hebt u ook een wens ontvangen, zoals Johannes die deed aan Gajus? Is het ook duidelijk voor uw omgeving dat uw ziel welvaart? Dan moeten we in de eerste plaats bij onszelf zijn. Is mijn ziel gered, omdat ik door genade mag weten dat Christus ook voor mij Zijn leven heeft gegeven? Zijn wij een lichtend licht en ‘altijd bereid tot verantwoording aan een iegelijk die u rekenschap afeist van de hoop die in u is, met zachtmoedigheid en vreze’ (1 Petr. 3: 15)? Met die hoop kunnen wij het oude jaar afsluiten en een nieuw jaar ingaan. Die hoop is onmisbaar en de vaste grond van die hoop ligt in het geloof in Christus. Hij is naar deze aarde gekomen om te betalen voor de schuld die wij hebben gemaakt. Door het geloof wordt Zijn betaling onze betaling. Dan is er vrede met een Drie-enige God. De Heere roept nog en geeft dat wij weer een nieuw jaar in mochten gaan. Het is nog genadetijd! Hij wil Zijn Goddelijke liefde nog kwijt aan mensen, die alles verzondigd hebben.
‘Gij, die God zoekt in al uw zielsverdriet,
houdt aan, grijpt moed, uw hart zal vrolijk leven.’
(Ps. 69: 13 ber.).
Ds. R. van de Kamp, Opheusden