• " Ja, zalig zijn degenen die het Woord Gods horen en hetzelve bewaren " Lukas 11 vers 28

Meditatie

Maar wat zegt zij? Nabij u is het Woord, in uw mond en in uw hart.
(Romeinen 10 vers 8a)

Ook lezen: Dordtse Leerregels, hoofdstuk 3-4, artikel 11

Het voorrecht dat God ons Zijn Woord gegeven heeft, is niet te overschatten. Het wordt helaas door velen nog vaak ondergewaardeerd. God laat ons niet de boodschap van een mens brengen. Het is de boodschap van de Vader betreffende Zijn Zoon. Centraal in de verkondiging staan de verzoening en vrede door het bloed van Christus. Het Evangelie vertelt ons hoe diep de Zoon Zich heeft willen vernederen om diepgezonken Adamskinderen op te richten. Wanneer het alleen bij het prediken zou blijven, zou het verder weinig uitwerken.

Het Woord komt door ons oor, het wordt opgenomen en verwerkt in ons verstand. Toch is dit niet genoeg! Het moet óns hart bereiken. Ons hart is het centrum van het leven. Het hart is de grond waarin het zaad van het Woord gezaaid wordt. Die grond is verhard, zelfs versteend. Wanneer de regen op deze grond valt, wordt het water niet opgenomen, maar het vloeit weg. Zo horen velen het Evangelie, maar het doet hun niets; het gaat langs hen heen.
Bent u daar tevreden mee, dat het Woord u vaak zo weinig zegt? Ligt u er wel eens van wakker? Of bent u bedroefd wanneer u na het lezen van de Bijbel er niets van onthouden hebt? U hebt een kerkdienst bijgewoond en u moet zeggen: het heeft mij weer niets gedaan. U geeft misschien de schuld aan de tijdgeest, waardoor de Heere niet meer zo krachtig zou werken. Of u wijt het aan uw werk of aan andere zaken….? Zoekt u de oorzaak wel eens bij uzelf?
Omdat u van uzelf niets met Gods Woord kunt doen, wil de Heere het niet laten bij de verkondiging alleen. Hij wil u ook de kracht van het Woord doen ervaren, door Zijn Heilige Geest. Daar mag u op hopen, daar moet u om bidden! Psalm 65 vers 6 zegt:

‘Het land bezoekt Gij met Uw zegen,
en door U droog gemaakt,
verrijkt Gij ’t grotelijks weer met regen
die tot de wortel raakt’.


Als de Heere de zondaar bekeert, is zijn gehele innerlijk erbij betrokken: zijn hart, zijn gevoelens, zijn wil, maar ook zijn verstand. Soms wordt met de begrippen hart en verstand hetzelfde bedoeld. Het verstand heeft betrekking op ons kennen en weten. Wij hebben een ‘redelijke’ godsdienst. Dus het gaat niet buiten ons verstand om. Van nature is ons verstand, net als ons hart, bezet met vele dingen, waardoor er voor de Heere geen plaats is. Ons hart is duister, want God woont er niet in, terwijl Hij juist het Licht is. Zodoende begrijpt de natuurlijke mens niet de dingen die des Geestes Gods zijn; want zij zijn hem dwaasheid, en hij kan ze niet verstaan, omdat ze geestelijk onderscheiden worden. (1 Korinthiërs 2 vers 14).
De Bijbel is voor ons in een geheime, vreemde taal geschreven en wij missen de sleutel om die te ontcijferen. Wij hebben daarom de Heilige Geest nodig om de taal van Gods Woord te lezen en te verstaan. In ons verstand heerst een totale duisternis. Al wordt de Heere Jezus in de prediking zeer dicht bij ons gebracht, wij zien Hem niet. Daarvoor is ons door Christus de Heilige Geest beloofd en wordt Hij gegeven om Zijn licht te laten vallen over Zijn Woord en in ons hart en verstand. Pas dan gaan we de heerlijkheid van God zien, in het aangezicht van Jezus Christus. De Heilige Geest schijnt met zo’n kracht dat het zelfs het meest gesloten hart binnendringt. Gods Geest trekt Zich niets aan van onze weerstand. Hij plaatst alles in een helder licht, ook onze duistere zonden. Bovenal plaatst Hij Jezus Christus in het licht: ‘In Uw licht zien wij het licht.’ (Psalm 36 vers 10) Maar de Heilige Geest doet meer. Hij is ook de Geest van wedergeboorte, Die levend maakt. Als Hij binnen komt in ons hart brengt Hij alles mee: nieuw leven en bovenal brengt Hij Christus mee! Door Zijn onweerstaanbare kracht wordt de zondaar tot Christus getrokken. Wat een troost als het u maar niet gelukt verandering in uw leven te brengen. Als u nog zoveel verzet voelt, als het u verdriet doet dat u maar niet bij God kunt komen. Alle menselijke kracht zal falen. ‘Niet door kracht noch door geweld, maar door Mijn Geest zal het geschieden, zegt de Heere der heirscharen’ (Zacharia 4 vers 6). Hij raakt Zelf het hart aan, opent het, reinigt het en verlicht het verstand, vernieuwt het hart en buigt de wil. Al het onze moet eruit. Wat niet met Hem, de Heilige, kan samengaan, moet weg. Zo opende Hij de harten van Zijn discipelen. Hij kwam als de Levende binnen, in hun hart en maakte nieuw leven waar eerst de dood huisde.
Mag u daar ook iets van kennen?

Ds. N. van der Want (1949-2020)

  • © hersteld hervormde kerk 2021

Heeft u vragen over het geloof?

Open Sluit